Begrippenlijst
De taal van vergaderen en events, helder uitgelegd.
- Theateropstelling
- Stoelen in rijen gericht op het podium of scherm, zonder tafels. Geschikt voor presentaties en plenaire sessies met veel deelnemers.
- U-opstelling
- Tafels in de vorm van een U met de opening naar de spreker. Stimuleert interactie en is populair voor trainingen en vergaderingen tot ongeveer 25 personen.
- Carré-opstelling
- Tafels in een gesloten vierkant of rechthoek, zodat iedereen elkaar ziet. Geschikt voor overleg zonder centrale spreker.
- Cabaretopstelling
- Ronde tafels met stoelen alleen aan de kant van het podium. Combineert zicht op de spreker met ruimte voor overleg in kleine groepjes.
- Schoolopstelling
- Rijen tafels met stoelen richting de spreker, zoals in een klaslokaal. Handig als deelnemers moeten schrijven of een laptop gebruiken.
- Plenaire zaal
- De hoofdzaal waar alle deelnemers samenkomen voor het centrale programma van een congres of event.
- Break-outroom
- Een aparte ruimte voor deelsessies of workshops in kleinere groepen, los van de plenaire zaal.
- Foyer
- De ontvangst- en pauzeruimte bij een zaal, vaak gebruikt voor registratie, catering en netwerken.
- Blackbox
- Een neutrale, vaak donkere ruimte zonder daglicht die volledig naar wens aangekleed en verlicht kan worden. Populair voor productlanceringen en presentaties.
- Hybride event
- Een bijeenkomst die tegelijk fysiek en online plaatsvindt, zodat deelnemers op locatie én op afstand kunnen meedoen.
- Dagdeel
- Een deel van de dag (ochtend, middag of avond) waarvoor een zaal of arrangement wordt geboekt. Veel locaties rekenen per dagdeel.
- Dagarrangement
- Een pakket per persoon per dag, meestal inclusief zaalhuur, koffie, thee, lunch en gebruik van basisfaciliteiten.
- Capaciteit
- Het maximale aantal personen dat een ruimte kan ontvangen. Dit verschilt per opstelling: een theateropstelling biedt meer plaatsen dan een carré.
- AV (audiovisueel)
- De techniek voor beeld en geluid, zoals beamers, schermen, microfoons en geluidsinstallatie, die een presentatie of event ondersteunt.
- Walking dinner
- Een diner waarbij gasten staand of rondlopend meerdere kleine gerechten geserveerd krijgen. Stimuleert netwerken tijdens het eten.
- No-show
- Een aangemelde deelnemer die niet komt opdagen. Belangrijk om in te calculeren bij catering en capaciteit.